Recensie: 12 Years a Slave – Steve McQueen

Het sterk geregisseerde en geacteerde 12 Years a Slave, gebaseerd op een waargebeurd verhaal, zet regisseur Steve McQueen internationaal op de kaart, al waren zijn kleinere films Hunger en Shame indrukwekkender. 12 Years a Slave zal waarschijnlijk de doorbraakfilm voor de Britse McQueen worden en vele Oscarnominaties in de wacht slepen, aangezien slavernij en racisme onderwerpen zijn die het goed doen bij de Oscars. McQueen heeft al de prijs voor de beste regisseur gewonnen van de New York Film Critics Circle, wat ook vaak als indicatie wordt gezien voor de favorieten bij de Oscars. De film is sterk, maar heeft net niet datgene wat het geweldig maakt.

Net als in Hunger en Shame duikt McQueen vol in de zware thema’s en schuwt het nare niet. Zijn drie films zijn dan ook stuk voor stuk zware films, waarbij wegkijken soms onvermijdelijk is. In Hunger was het onderwerp de hongerstaking van IRA-lid Bobby Sands en Shame gaat over seksverslaving. Beide films hebben Michael Fassbender in de hoofdrol, die ook in 12 Years a Slave weer een rol vertolkt. Chiwetel Ejifor speelt de slaaf Solomon Northrup die is ontvoerd en als slaaf wordt verkocht. De film toont de jaren waarin hij als slaaf moest werken bij verschillende huismeesters. Met onder andere Brad Pitt, Paul Giamatti, Benedict Cumberbatch en Paul Dano beschikt de film over een sterrencast. Hoewel deze af en toe zorgt voor een feest der herkenning, leiden de beroemdheden toch niet af van de ernst van het verhaal en is het acteerwerk vrijwel perfect.

De film is zwaar: zowel qua onderwerp als qua beeld. De zweepslagen worden in zijn geheel getoond en wanneer ze voorbij zijn wordt de verminkte rug met het kapotte vlees zelfs in close-up laten zien. Wanneer je als kijker bijna niet meer kunt kijken, gaat de scène en daarmee de verminking gewoon door. De film is pijnlijk om te zien, maar heeft ook een hart. We zien de strijd van de slaven om een balans te vinden tussen zichzelf blijven en zich anders voordoen om hun baas tevreden te houden en daarmee te overleven. 12 Years a Slave laat de schrijnende positie zien van slaven, maar toont tegelijkertijd hoe de slaven vechten om uit de situatie te komen en de trucs weten om er niet aan onderdoor te gaan. Bijna als in een roadmovie komen de slaven steeds op andere plekken terecht, met steeds een andere meester. Het is uniek aan de film dat we zoveel meekijken vanuit de ogen van de slaaf zelf. We zien wat Solomon denkt, wat hij voelt en ook hoe de slaven verschillen in hoe ze met hun lot omgaan. Hoewel iedereen weet dat slavernij afschuwelijk is, wordt in 12 Years a Slave alles pijnlijk en precies in beeld gebracht.

Naast alle ellende is er ruimte voor prachtige scènes: McQueen heeft oog voor detail en compositie – neem de beginscène waarin de slaven op een rij staan en richting de camera kijken. Symboliek en ironie zijn ook terug te vinden: we zien Solomon opgesloten zitten in een cel. De camera zoomt uit en van zijn raam beweegt de camera zich steeds verder naar boven: we zien op de achtergrond het Witte Huis uitsteken boven de oude straten. McQueen wil ons niet laten vergeten dat alles wat er gebeurde onder toeziend oog van de Verenigde Staten zelf gebeurde: slaven waren legaal bij de wet.

Wat de film van perfectie afhoudt, is dat er geen blijvende emotie achterblijft. De film is cinematografisch gezien toch net iets te tam, terwijl met name de montage en cinematografie bij Hunger en Shame gedurfder is. Zo heeft Hunger een 20-minuten durende singleshot dialoog-scène: het enige dialoog in de film. Shame had prachtige scènes met parallelmontage en een ontroerende voice-over. In 12 Years a Slave toont de regisseur het verhaal en laat niets weg, maar voegt ook niets toe. Wanneer McQueen bij deze sterke film de beste aspecten van zijn eerste twee films had doorgevoerd, was hij dicht bij perfectie gekomen.

 eerder gepubliceerd op Blikonline